Socrates in Utrecht

06-socrates

Mijmerend door Utrecht wandelend lees ik op een raam in de Lange Nieuwstraat de volgende filosofische tekst:

“De mensen die mijn gezelschap opzoeken, winnen daar verbluffend veel bij,
zowel in hun eigen ogen als in die van anderen.

Toch hebben ze van mij nooit iets geleerd, laat dat duidelijk zijn.
Aan de kostbare inzichten waarmee ze hun voordeel doen,
hebben zij zelf geboorte gegeven.

Maar het verloskundige werk neem ik voor mijn rekening.”

(Socrates)

Leidsche Rijn

05-leidsche rijn

Vanaf de Abel Tasmanbrug. Gegraven in 1664, gedeeltelijk als vervanging van de Oude Rijn, tussen Utrecht en Leiden. Het water kwam uit in de Stadsbuitengracht, naast de Catharijnebrug. Door bereikbaarheid met schepen waren er veel bedrijven langs het water gevestigd.

In de 18e eeuw vestigden de houtzaagmolens De Ster (1721) en de De Bijgeval (1739) zich aan de linkeroever van het water, in 1872 kwam verderop de Lood – en Zink pletterij Hamburger. De Ster werd in 1911 onttakeld, maar in 1999 weer hersteld. De Bijgeval is geheel afgebroken. In 1975 sloot de Hamburgerfabriek; er staan nu huizen.

De Leidsche Rijn werd in 1892 doorsneden door het Merwedekanaal en vanaf 1950 door het Amsterdam Rijnkanaal. Door aanleg van spoorwegen; Westplein en komst van Hoog Catharijne is de verbinding met de oude stad verloren. Vroeger kon je vanaf het Leidseveer met een schuit richting Bodegraven varen.

Huis van oma

04-huis van oma

Uit: Het huis van oma:

Soms denk ik:
waarom woon ik in dit huis,
in deze straat, in deze wijk, in deze stad,
in dit land,
bij deze ouders?
Waarom precies hier?
Waarom precies bij hun?
Is het toevallig?
Had ik niet net zo goed in
een ander huis, in een
andere straat, een andere stad,
een ander land kunnen wonen?
Had ik niet net zo goed
andere ouders kunnen hebben?
Ik weet het niet,
ik weet alleen
dat ik niet anders zou willen.
(Soms wel.)

Anton van der Kolk, 2005 | www.antonvanderkolk.nl

Jugendstil Maliesingel

03-jugendstil ad singel

Op de hoek van de Maliesingel met de Johan van Oldenbarneveltlaan staat dit markante pand.

Het is in 1900 gebouwd in een Neo-Renaissance stijl, met Jugendstil motieven, die vooral zichtbaar zijn boven de raam- en deurposten. Boven het grote raam staat in geëmailleerde letters ‘Maliesingel’.

Ontworpen door architect M. E. Kuiler (1859-1937). Van zijn hand zijn in onze stad onder meer ook het Hooghiemstra gebouw (1912) aan de Wittevrouwensingel en de voormalige Palace bioscoop (1913) aan het Vredenburg.

Maliesingel 29 is nu als kantoorpand in gebruik, maar hier woonde de gegoede burgerij; met het centrum; een treinstation en de Maliebaan op loopafstand.

Utrechts volkslied

01-volkslied

Utrechtse volkslied (een jubelzang voor Domstad én Stichtse Lustwarande…)

Langs de Vecht en d’oude Rijnstroom
Strekt zich wijd het Stichtse land.
Willibrord ontstak uw fakkel,
Die onblusbaar verder brandt;
Waar ’s lands Unie werd geboren,
Utrecht, hart van Nederland!

Utrecht, parel der gewesten,
‘k Min Uw bos en lustwarand’.
’n Eigen stempel draagt Uw landschap:
Plas, rivier of heid’ en zand,
Weid’ en bongerd, bont verscheiden,
Utrecht, hart van Nederland!

Utrecht, nobel, nijver Utrecht,
Middelpunt naar alle kant,
Aan Uw eigen stijl en schoonheid
Houd ik steeds mijn zin verpand.
Blijv’ in goed’ en kwade dagen:
Utrecht, hart van Nederland!

Jan Küppers | 1952

Klein Geertekerkhof

44-geerte kerkhof

Verscholen in een hoek van het Klein Geertekerkhof lees ik op de gevel: ‘School No.1 Der Nederlandse Hervormde Gemeente’.

Dit was eens een Bewaar- en Lagere school, ook bekend als ‘Nederlands Hervormde Diaconieschool. In 1895 wordt deze school al genoemd.

De stad kende zes Hervormde Diaconiescholen waarvan de eerste al in 1748 gesticht was om kinderen van arme bedeelde lidmaten ‘die leefden als het woeste heydendom zonder kennis van god en godsdienst buyten alle burgerlijke bekwaamheden ruw en losbandig’ weer op het juiste pad te krijgen. De school is eind jaren dertig opgeheven.

Vanaf begin jaren vijftig was dit pand als atelier in gebruik door Alain Teister (1932-1979), pseudoniem van Jacques Boersma. Hij was dichter, schrijver en kunstschilder. En lid van de Utrechtse kunstenaarsgroep ‘De Luis’, waartoe ook o.m. William (Dirkje) Kuik en Peter Vos behoorden.

J.C.Bloem: De Sluis

43-weerdsluis0 (1)

Het is vijftig jaar geleden dat de dichter Jacques Bloem (1887 – 1966) overleed. Hij studeerde rechten in Utrecht en woonde in 1931 ook kort in Breukelen. In die tijd schreef hij het gedicht ‘De sluis’.

De stilte en koelte waren weergekeerd,
Het nachtlijk feest lag als een glas versmeten.
Ik heb dit late donker nooit vergeten,
Want deze dingen blijven ongedeerd.

Een ongeweten, innerlijk geweld
Had naar een zwart kanaal mij heengedreven.
Het was het uur, dat de wiekslag van ’t leven
Weer trilt in die de slaap heeft neergeveld.

Daar hoorde ik het vervoerende geruis:
Wateren, die van vóór de tijden bronden,
Bezweringen van lang-gestorven monden:
Het zachte stromen door de nauwe sluis.

Ik stond, alleen gebleven, ongekend,
In doodlijke verrukking opgetogen,
Naar onweerstaanbare diepten neergezogen,
Gebannen in het ademloos moment.

Toen werden ’t water grijzer en de straat,
En ging hun nachtelijk geheim verloren,
En boven donkere huizen werd geboren
Een kille en groezelige dageraad.

Op zijn zeventigste keert Bloem terug naar Utrecht en mijmert opnieuw bij de sluis in het schitterende gedicht ‘Utrecht: Bemuurde Weerd’. Hij stelt vast dat het water, de sluis en de huizen hetzelfde zijn gebleven, maar het besef van zijn sterfelijkheid levend is geworden:

Het water stroomt nog door dezelfde sluis
Als toen, en maakt het eendere geruis.

De huizen, aan de waterkant daarneven,
Zijn feitelijk ook onaangerand gebleven.

Alleen nabijer is, voor wie ze ontvlood,
De zekerheid van de imminente dood.

Abel Tasmanbrug

111-abel tasmanbrug

Bijna geheel Lombok werd in de late 19e eeuw gebouwd. De aanleg van straten en woningen van de wijk Lombok kwam rond 1900 gereed.

Het middelste gedeelte van de wijk dateert echter, evenals de wijk Jaffa, uit de jaren twintig van de vorige eeuw.

Lange tijd waren de inwoners geheel door water omsloten. Door de Leidsche Rijn, maar ook langs de Billitonkade door de Oude Rijn tussen Lombok en de wijk Jaffa; en de Vleutense Wetering, die pas in de jaren twintig werd gedempt (nu Vleutenseweg).

Pas na de aanleg van de J.P. Coenbrug en daarna de Abel Tasmanbrug in 1906 werd de wijk richting de Leidseweg e.o. ontsloten.

Eindelijk konden de inwoners van Lombok, via deze dubbele ophaalbruggen en de Muntbrug over het Merwedekanaal, op zondagmiddagen wandelen naar Oog in Al.

Vanaf 1920 werd hier het park Oog in Al aangelegd. Wel was het soms lang wachten bij de openstaande bruggen, vanwege het drukke scheepvaartverkeer.

Vergulde klok

55-vergulde klok

Als je de Twijnstraat uitkomt, zit rechts tegenover de Vollersbrug de Fashion & Lifestyle store ‘VOLLERS 386’. Je kunt er terecht voor woonaccessoires, kleding, kleine cadeautjes en nog veel meer.

Vroeger, en dan hebben we het over de 18e eeuw was de huisnaam van dit pand, aan de Oudegracht 386, ‘DE KLOCK’. In een akte uit 1728 is sprake van een uithangbord ‘DE KLOCK’.

Hoog in de geveltop is een naamsteen te zien van een luidklok. Als je goed kijkt zie je dat de klok een kroon ‘draagt’. Deze gevelsteen is bekend als DE VERGULDE KLOK.

Dit pand heeft al lang een winkelfunctie. Al rond 1900 zat hier een winkel in huishoudelijke artikelen.

Verguld is de klok niet, maar was lange tijd wit. Sinds kort is de gevel opgeknapt en heeft de klok een gele kleur gekregen.

Bloemenmarkt

31-bloemenmarkt 1953

De bloemenmarkt op het Janskerkhof in de zomer van 1953. Gemaakt door G.J. Lauwers. Hij was, evenals fotograaf F.F. vd Werf, actief met het vastleggen van het dagelijks leven in Utrecht. Hij overleed in 1958, maar zijn atelier annex fotozaak aan de Catharijnesingel bleef tot in de jaren zeventig bestaan.

De ijscokar op de voorgrond kan zo maar eens van Guido De Lorenzo zijn. Hij had sinds 1928 de Italiaanse ijssalon Venezia op de Voorstraat. Het jongetje links, zou maar wat graag een ijsje willen.

De zaterdagse bloemenmarkt is al sinds 1835 op het Janskerkhof. Daarvoor bestond de markt al op de Stadhuisbrug. De Utrechtsche Provinciale en Stads-Courant schreef in 1889:

Onder den lommer der breed gekruinde boomen is er in ons land bijna geen bloemenmarkt met de onze te vergelijken, zowel in aangenaamheid van standplaats als in weelde, overvloed en verscheidenheid van bloemen. Wie des Zaterdags dus een oogenblikje kan uitbreken zal zich met een bezoek aan het Janskerkhof een opwekkend genot verschaffen

De bloemenmarkt is bekend om zijn standwerkers, die met kreten als “Vooruit mensen, maak me los! Neem mee, zeven stuivers” hun bloemen aanprijzen. Van oudsher zijn dat kleurrijke figuren, die vooral veel kijkers aantrekken.