Mijn Dom

 

Ik ging lezen over de Dom, plaatjes verzamelen en vooral feiten. Voor een kind van tien wist ik veel van mijn stenen wonder.

Als ik andere torens zag, vond ik ze namaak. En als ik ergens één vlag op een spits zag wapperen, vond ik dat maar een armzalige vertoning. De vierhonderdvijfenzestig treden deden mij elk trappenhuis zien als een zoveelste gedeelte van mijn Dom.

Voor de hoogte van de toren was het van belang of je vond dat St. Maarten erbij hoorde of alleen versiering was. Ik vond dat iemand die voor een bedelaar een stuk van zijn mantel afsneed, zeker mocht meetellen en dat de Dom dus honderdtwaalf meter hoog was.

Eén geluk had ik: de Dom kon worden beklommen. Vele malen gingen wij met mijn vader de Dom op, want een kwartje de man was te overzien, we waren vele uren van de vloer en kwamen lekker moe thuis, hetgeen mijn ouders met hun grote rumoerige gezin soms heel goed uitkwam.

Mijn broertjes en ik klommen dan als een kleine stoet achter mijn vader aan alle treden op die door mij, ter controle, werden geteld. We stopten altijd weer op de eerste en tweede trans en keken naar de huizen die al heel klein waren.

Even rondlopen en dan de moeilijke laatste klim. Tegen het einde van de tocht werd de wenteltrap steeds smaller, de treden hoger en onze schoenen zwaarder. Maar we wisten dat we na het laatste poortje de hemel zouden zien en daar helemaal beneden Utrecht, onze stad.

Uit: ‘Ver van huis’, verhalen van Letty Kosterman (Utrecht 1935 – 2017) | Uitgave 1991

Het Dolhuis

 

Op de hoek van de Lange Nieuwstraat en Agnietenstraat tot en met het Nicolaaskerkhof liggen de gebouwen van de Willem Arntsz Stichting. Een verpleeginrichting voor psychiatrische patiënten. In 1461 opgericht door Willem Arntsz

Het begon allemaal in het Willem Arntszhuis, in de volksmond ’t Dolhuis, tegenover het Fundatiehuis. Van verpleging was geen sprake. Men sloot hier ‘dulle lieden’ op om te voorkomen dat ze voor hun omgeving gevaar opleverden

Het Dolhuis was eeuwenlang een huis van jammer en ellende, waar de krankzinnigen en onnozelen voornamelijk opgesloten zaten

Zo was er de volksgewoonte om op zogenaamde derde Paasdag, ook wel Paasdrie of Paasdol genoemd, het krankzinnigenhuis voor bezoekers open te stellen.

Er was dan de kerspel-kermis van St. Nicolaas op het Nicolaaskerkhof. Er werd tot laat in de nacht gefeest en gedronken. De vaak benevelde kermisgasten bezochten dan het Dolhuis. De ongelukkigen, waarvan sommige in hokken met ketenen om ’t lichaam opgesloten waren, werden geplaagd en gesard

De regenten hebben in 1616 nog getracht om een einde aan deze mensonwaardige vertoning te maken en ‘Paaschdol’ af te schaffen. Maar het kwaad was zoo ingeworteld dat het vanzelf weer opleefde, zodat in 1621 de viering van Paasdol al weer in volle gang was, en ze bleef nog tot 1825 bestaan

Vanaf 1826 begon de hoogleraar Schroeder van der Kolk de gebreken, die aan het gesticht kleefden, te verbeteren. Met een liefderijk hart trok hij zich het lot der ongelukkigen aan en reorganiseerde de krankzinnigenverpleging drastisch. De verpleging van psychiatrische patiënten is na zijn initiatief steeds verder verbeterd

Het oorspronkelijke Willem Arntszhuis bestaat nog. Maar sindsdien zijn de gebouwen van de Willem Arntszstichting rond dit huis flink uitgebreid

 

Oranjesociëteit

Liefhebbers van de verhalen van Olivier B. Bommel kennen de Kleine Club, een Sociëteit in Rommeldam, waar de notabelen elkander in een ontspannen sfeer treffen. Heer Ollie komt daar graag, evenals Burgemeester Dickerdack, Markies de Canteclaer, Commissaris Bulle Bas en anderen

Ook in Utrecht was sinds 1775 zo’n aristocratische sociëteit. De Oranjesociëteit op de hoek van de Nieuwegracht met de Trans. De koningsgezinde leden waren heren van aanzien; zoals professoren en artsen. Vrouwen waren niet welkom (..) Tijdens de Franse bezetting werd de naam gewijzigd in ‘Sic Semper’ (Zo is het en zo zal het altijd zijn)

In 1890 werd het oude gebouw vervangen door het o.a. rijk met tegeltableaus gedecoreerde gebouw wat wij nu kennen, met op de hoek een robuuste toren, ontworpen door architect P.J. Houtzagers. Hij volgde hiermee de middeleeuwse bouwkunst

Dit nieuwe gebouw heeft echter maar kort als sociëteit bestaan. Sic Semper werd in 1913 opgeheven omdat de belangstelling voor het sociëteitsleven afnam. De notabelen trokken weg uit de stad en vestigden zich in grote huizen langs de Vecht of in villa’s op de Utrechtse Heuvelrug

Lange tijd zat hier de Centrale Raad van Beroep (het Ambtenarengerecht), maar het gebouw is nadien verbouwd tot appartementen

Toren(tjes)

10-torentjes

In één foto zomaar drie torentjes gespot. Nou ja, die in het midden is wel een grote joekel…

Het (woon)torentje links, op de hoek met Achter Sint Pieter, staat op het pand waar tot 2000 het bekende boekhandel antiquariaat van Beijers was gevestigd. Deze winkel zat hier vanaf 1965, maar bestond toen al 100 jaar.

Het torentje rechts staat op het pand uit 1910 waar tot 1975 de Openbare Bibliotheek was. Boven zijn nu appartementen en beneden bedrijven. De toren is indertijd meer als decoratie bedoeld. Ik las ergens, dat er van binnenuit halsbrekende toeren nodig zijn om in het torentje te komen…

En dan die bijzonder hoge toren in het midden…

Jugendstil Maliesingel

03-jugendstil ad singel

Op de hoek van de Maliesingel met de Johan van Oldenbarneveltlaan staat dit markante pand.

Het is in 1900 gebouwd in een Neo-Renaissance stijl, met Jugendstil motieven, die vooral zichtbaar zijn boven de raam- en deurposten. Boven het grote raam staat in geëmailleerde letters ‘Maliesingel’.

Ontworpen door architect M. E. Kuiler (1859-1937). Van zijn hand zijn in onze stad onder meer ook het Hooghiemstra gebouw (1912) aan de Wittevrouwensingel en de voormalige Palace bioscoop (1913) aan het Vredenburg.

Maliesingel 29 is nu als kantoorpand in gebruik, maar hier woonde de gegoede burgerij; met het centrum; een treinstation en de Maliebaan op loopafstand.

Vergulde klok

Als je de Twijnstraat uitkomt, zit rechts tegenover de Vollersbrug de Fashion & Lifestyle store ‘VOLLERS 386’. Je kunt er terecht voor woonaccessoires, kleding, kleine cadeautjes en nog veel meer.

Vroeger, en dan hebben we het over de 18e eeuw was de huisnaam van dit pand, aan de Oudegracht 386, ‘DE KLOCK’. In een akte uit 1728 is sprake van een uithangbord ‘DE KLOCK’.

Hoog in de geveltop is een naamsteen te zien van een luidklok. Als je goed kijkt zie je dat de klok een kroon ‘draagt’. Deze gevelsteen is bekend als DE VERGULDE KLOK.

Dit pand heeft al lang een winkelfunctie. Al rond 1900 zat hier een winkel in huishoudelijke artikelen.

Verguld is de klok niet, maar was lange tijd wit. Sinds kort is de gevel opgeknapt en heeft de klok een gele kleur gekregen.

Filantroop

18-portret falck

Deze wat nors kijkende man op een gevel aan het Pieterskerkhof 18 is Jonkheer Meester Anton Reinhard Falck. Het is het ingangsgebouw uit 1898 van de voormalige Diaconieschool 3 aan de Kromme Nieuwegracht.

Na een leven als staatsman ten tijde van koning Wilhelm I werd Falck (1831-1894) filantroop en wijdde zijn leven o.m. aan opvoeding van armen en behoeftige kinderen. De gehele gevel is gewijd aan hem.

Want op een andere gevelsteen lezen we deze huldeblijk: ‘Ter nagedachtenis van Mr. Anton Reinard Falck die van 1862 tot 1894 de Ned. Herv. Gemeente als Armverzorger gediend heeft en in het bijzonder de belangen van hare Diaconiescholen…’

In Tuindorp, aan de van Lieflandlaan, bestond van 1951 tot 1978 nog een Nederduitsche Hervormde Gemeenteschool voor Kleuter- en Lager onderwijs met zijn naam.

Kijk ook eens op ‘Geveltekens in Utrecht’ http://ugtf.nl/wp/

18-falck-compleet

De Uitkijk

11-de uitkijk

Ik kan het niet laten. Sinds @hartjeutrecht er over is begonnen, zie ik overal in de stad torentjes. Zij is een fijn account met liefde voor onze stad. Haar dagelijks te ontmoeten geeft mij een blij gemoed! Volg haar ook! Je krijgt er geen spijt van.

De Uitkijk met het erkertorentje staat aan de Leidseweg 110 in de wijk Oog in Al. Een wijk gebouwd, als een wat sjiekere tegenhanger van Lombok aan de andere kant van het Merwedekanaal.

Dit karakteristieke herenhuis is uit 1904. Toen keek je vanuit de ‘torenkamer’ uit over de Leidsche Rijn, naar de voormalige buitenplaats ‘Oog in Al’ in 1664 gesticht door Everard Meyster. Ik schreef hier eerder over zijn woning ‘De Krakeling’ in de binnenstad.

Maliehuis

09-maliehuis 1896

Het is 24 maart 1896 wanneer Anthony Grolman deze tekening maakt. Terugrekenend was dat op een dinsdag.

Het is dan ook de gegoede burgerij, die hier richting de Maliebaan flaneert. Het is een zonnige lentedag. De twee dames links dragen geen paraplu, maar een parasol om zich te weren tegen de zon. Bruinverbrand worden is immers hoogst ordinair…

Hun villa, veelal een patriciërswoning, ligt aan de Maliebaan of Malie- of Tolsteegsingel. Daar klopt de dienstbode de lakens uit en maakt de bedden op; de gouvernante geeft thuis les aan de kinderen.

Op de hoek met de Maliesingel staat het Maliehuis. Daar is recent de Utrechtsche Levensverzekering Maatschappij gehuisvest.

De dames vinden het jammer, dat er een bedrijf in is gekomen. Voorheen zat er een koffiehuis en daarna was het in gebruik voor zangverenigingen en muziekgezelschappen. Zij gaven vaak uitvoeringen in de muziektent in de tuin achter het huis.

De dames zijn blij dat ze niet in de tijd leefden, toen studenten hier hun verpozing zochten. Tot in de 18e eeuw, werd in de laan het Maliespel gespeeld. Na het spel verpoosden de studenten zich hier nogal luidruchtig. Ze moeten er niet aan denken….hoe affreus!

Utrechts Torentje…

07-maliebaan 108

Aan het eind van de Maliebaan aan het Oorsprongpark staat dit fraaie pand. Het is in 1893 gebouwd in wat men noemt Hollandse Neo-Renaissancestijl stijl, met op de hoek een uitbundig (Utrechts…) torentje.

Het hoekpand is in combinatie met de overige huizen aan het Oorsprongpark een ontwerp van architect Derk Semmelink. Daarbij is, voor het eerst, afgeweken van een lange lijnrechte huizenrij.

De eerste bewoner van dit pand was de rijke familie de Wit, eigenaar van zagerij en houthandel ‘De Ster’ aan de Leidseweg in de wijk Lombok

De Maliebaan werd in WO II ook wel de Nederlandse “Unter den Linden” genoemd, vanwege het grote aantal kantoren van de Nazi’s en de NSB

Dit was het kantoor van de Luftwaffe Nachrichten Abteilung, de nieuwsafdeling van de Duitse Luftwaffe. Die onder leiding stond van Hermann Göring.

Het is nu in gebruik als kantoorvilla

08-maliebaan 108